donderdag 5 mei 2011

Bevrijd... en nu?


Na op de vierde mei twee minuten stil gestaan te hebben bij alle mensen die in en na de tweede wereldoorlog gevallen zijn in oorlogsgebieden is het vandaag vijf mei. Bevrijdingsdag. De dag dat we de vrijheid vieren waar onze (voor)ouders voor gevochten hebben. Een dag die voor de jongeren vooral in het teken staat van het gratis festival dat op dertien plekken in Nederland gehouden wordt. Een goed initiatief om de jeugd betrokken te houden, alhoewel de nadruk niet ligt op de vrijheid, maar meer op andere zaken.

Toch wil ik nu vraagtekens zetten. Want nu we allemaal vrij zijn, wat gaan we nu doen?
Kijkend naar de afgelopen tien jaar merk ik steeds meer dat Nederland zijn soldaten op andere bodems inzet om ook daar de vrijheid te garanderen. Nobel en een mooi streven. Geen bezwaar tegen dus.
Maar hebben jullie wel gekeken hoe het komt dat in de gebieden waar we heengaan oorlog is gekomen? Waarom vechten we in het ene land wel terwijl we het andere land, waar de mensen ons even hard nodig hebben, niet eens proberen te helpen?

Wat zijn de regels? Wie bepaald waar we wel en niet heengaan om de mensen te bevrijden? Ik heb een klein beetje de lijnen gevolgd van de afgelopen jaren. Slechts oppervlakkig, want de ware redenen kunnen we alleen maar raden. Gek genoeg vaak nog correct ook.

Wat is de reden dat we in Afghanistan gezeten hebben? Wie durft er een gok te doen? Het is allemaal erg simpel. Enkel geld heeft ons naar Afghanistan gebracht. Geld dat, goed meekijken, allemaal via Amerika onze kant op komt.
9/11, jullie weten het vast nog wel, en de toenmalige president Bush viel al aan voordat hij toestemming had van de Verenigde Naties. Het zij zo. We kunnen het verleden niet veranderen, enkel de toekomst.
Wij zijn mee gaan doen om de simpele reden dat a) Amerika ons handelsverdragen beloofden (geld) en b) we anders buitengesloten werden van belangrijke vergaderingen (over macht (=geld) en olie (=geld)

Irak precies hetzelfde. Olie-inkomsten doen dus een heleboel voor het leger. Sterker nog: een voorraad olie kon wel eens de bron zijn van veel oorlogen. Denk maar mee: Waarom Egypte niet en Libië wel? Waarom kwamen de Fransen zo laat pas in actie in ‘hun’ Ivoorkust?

Nogmaals: Vrijheid is iets wat we moeten koesteren. Niet vrijwillig oliehaarden aansteken om zo er een slaatje uit te willen slaan.

En het belangrijkste: Het verleden kunnen we niet veranderen. De toekomst wel!

Help jij mee de vrijheid te bewaken?

dinsdag 3 mei 2011

Stilte om me heen


Eén dag in het jaar zijn we allemaal twee minuten stil. Jong en oud, man en vrouw, Nederlander of medelander; het maakt niet uit. Tweemaal zestig tellen stil. Al 65 jaar gebeurt dit, ieder jaar opnieuw.

We zijn stil. Stil om te denken en te overpeinzen wat we eigenlijk allemaal kunnen en mogen. Stil om te gedenken wie dat allemaal voor ons gedaan hebben. Stil om te geloven dat we allemaal deze vrijheid hebben. Stil om te genieten, stil om te vertrouwen.
Stilte waarin we samenzijn. Iedereen in Nederland is stil.

We zijn samen in die stilte. We zijn één. Van de koningin tot aan een klein meisje wat met d’r vader op de Dam staat. Niemand kan op dat moment alleen zijn. Laat dan ook niemand alleen zijn. Zoek elkaar op om niet alleen stil te zijn, maar samen.

Er gaan al jaren stemmen op om deze stilte te stoppen. ‘Het is niet van onze tijd’, zeggen ze. Snappen ze niet dat het juist alles te maken heeft met onze tijd? Onze manier van leven komt door hen! Mijn stilte tegen die mensen spreekt boekdelen. Het maakt hen stil.

Die stilte is oorverdovend. Het roept, het maakt lawaai en is verbijsterend. In de stilte hoor je de geluiden uit de oorlog terugkomen. De opofferingen, het lijden en sterven van miljoenen onschuldige mensen.  Sta JIJ er wel echt stil bij?

Veelal worden de twee minuten niet serieus genomen. Je staat er niet bij stil. Je gedachten dwalen weg van het echte stilzijn. De reden waarom je stil bent vergeet je zo gemakkelijk.
Dat is bij mij ook het geval. Ik vergeet zo snel waarom ik stil ben en bedenk wat ik later ga doen. Ik zoek andere dingen om mezelf bezig te houden, niet de stilte zelf.

Dit keer is het anders. Dit keer bereid ik me voor. Dit keer ben ik echt bezig met vier mei. Ik herdenk de gevallenen en vier de stilte in stilte.

Kijk je met me mee?

Kies op deze site maar eens een verhaal uit. Ik heb ze al gezien. Vier aangrijpende verhalen van mensen die het echt hebben meegemaakt. Niet mensen die het ‘hebben horen zeggen’, niet iemand die - zoals ik - er over verteld, nee iemand die het geleefd en beleefd heeft. 
Het verhaal over het bombardement in Nijmegen is me het meest bijgebleven. 

Hoe gebruik jij de twee minuten?


maandag 2 mei 2011

Amerikaans Hokjes en Vakjes-denken

Het zal je vast niet ontgaan zijn: Osama Bin Laden (schijnt/) is vanochtendvroeg doodgeschoten in Pakistan en zijn lichaam heeft - na alle riten die bij het overlijden van een Moslim horen - een zeemansgraf gekregen. Ik zal nu niets gaan zeggen en noemen over de hoeveelheid foto's die de Amerikanen vrijgaven nadat een zoon van hem omkwam, evenals hoe snel er beelden van Saddam Hoessein 'uitlekten' en de stilte die er nu is qua beelden van Bin Laden.

Ook wil ik niets zeggen over de bizarre reactie die onze eigen minister-president gaf aan het journaal. Want naast dat hij president Obama een compliment gaf, noemde hij deze man ook de 'leider van de vrije wereld'. Hij stelt Amerika dus min of meer boven ons. En daar leg ik, als Nederlander, mijn twijfels bij neer. Maar dat zijn de woorden van Rutte, niet van mij. Ook al zegt hij het niet op persoonlijke titel, maar in zijn functie.

Ik wil het meer hebben over de reactie van de Amerikanen. Ze hebben complete volksfeesten om te vieren dat de man, naar wie ze al negen-en-een-half jaar naar op zoek zijn, gestorven is. Op het journaal zie je feestende massa's in New York en Washington - mensen die compleet uit hun dak gaan nu ze dit weten.
Het grappige is dat de mensen nu ook echt denken dat ze klaar zijn. Nu zit het werk erop. Nu is Al-Qaida uitgeschakeld. Helaas is de meerderheid van de Amerikanen echt zo zwart-wit aan het denken. Er was - volgens hen - echt één man die aan de touwtjes trok, alleen Osama Bin Laden was de man die alles deed. Hij zat overal achter. Meesterbrein en uitvoerder, ronselaar en opleider.

Gelukkig weten wij beter.

Amerikanen met hun Hokjes en Vakjes denken...

donderdag 21 april 2011

Eén minuut stilte…


We leven al weer bijna in de tijd waarin we stilstaan bij de gevallen soldaten en slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Een tijd die voor de meeste mensen in Nederland niet geheel begrepen wordt, wij - en ik schaar mijzelf daar vanzelfsprekend ook onder - hebben dit niet meegemaakt. We hebben erover gelezen, mooie (of minder mooie) films gezien en horen ieder jaar rond deze tijd wel weer over veteranen die vanuit Polen, Canada of Engeland deze kant op komen om bij de herdenkingsplechtigheid te zijn.
Dat jij en ik elke dag weer vrij zijn, nemen we aan als iets wat vanzelfsprekend is. We denken er niet eens over na, het is gewoon zo. We kunnen gewoon over straat lopen zonder bang te zijn, we kunnen naar school of naar ons werk en alles gaat gewoon z’n gangetje. Wij hoeven nu niet bang meer te zijn.

Toch komt ieder jaar op de vierde van mei de koningin met haar gevolg de Dam in Amsterdam opgelopen om een krans bij het monument daar neer te leggen. Er is een tweetal minuten stilte om na te denken en stil te staan bij een ieder die zijn of haar leven gegeven heeft voor deze vrijheid. Zij wilden zo graag vrijheid, dat ze het eigen leven ervoor wilden opgeven!

Zie jij dat jezelf al doen? Je eigen leven in de waagschaal stellen om ervoor te zorgen dat anderen, niet jezelf, er beter van wordt? Sterven voor een goede zaak?

Gelukkig zijn er mensen die dit gedaan hebben. Anders zouden wij nu niet vrij zijn. Zouden we niet kunnen doen wat we willen. We zouden allemaal anders zijn.


Er is echter één man geweest die ik hier even wil aanhalen. Hij gaf zijn eigen leven, zodat we allemaal er beter van worden. Niet iedereen in Nederland, niet alleen in Europa, nee. Heel de wereld is beter geworden door het offer dat deze man voor ons gaf.
Hij was net als jij en ik.
Hij was ook bang toen het moment gekomen was.
Hij heeft pijn geleden om ons vrij te maken.
Hij stierf, zodat wij vrij kunnen zijn.
Hij stierf voor al onze zonden.
Alles wat jij en ik verkeerd hebben gedaan, heeft Hij weggenomen.
Hij heeft ons allemaal gered.

Is het teveel gevraagd om dan komende vrijdag, Goede Vrijdag, op z’n minst even daar bij stil te staan? Even te bedenken wat Jezus precies voor jou betekent heeft? Hoe Hij Zijn eigen leven gaf, om jouw leven beter te maken?

Eén minuut stilte laat bij lange na niet zien hoe bijzonder het is wat Jezus voor ons gedaan heeft. Zijn leven gaf hij voor jou!

Denk daar komende vrijdag maar aan…

zaterdag 16 april 2011

(weg)Kijken bij het Onderwijs (3)


(Zie ook deel 1 en 2)

Invallen op basisscholen heeft voor- en nadelen. Voordelen zijn makkelijk te noemen: Als alles gedaan is ben je klaar, je kan zelf aangeven of je wel of niet wilt werken en je kan dus ook buiten het hoogseizoen op vakantie. Nadelen zijn ook (te)makkelijk te vinden: Je bouwt geen band op met leerlingen, collega’s en ouders, je weer nooit exact waar je aan toe bent en natuurlijk heb je geen enkele garantie, waarop dan ook.

Mijn besluit, die nog niet geheel vastligt, is dan ook om vanaf de zomer weer te gaan studeren. Geschiedenis heeft me altijd getrokken. En daarmee kan ik ook meerdere kanten op. Ik heb altijd genoten van de excursies naar musea. Bij een museum werken lijkt me dan ook geweldig.
Zeker ook bij de educatieve dienst daar. Lekker lespakketten in elkaar draaien, gastlessen geven op scholen en rondleidingen organiseren binnen het genre.
Daarnaast kan ik natuurlijk op het middelbaar onderwijs altijd nog geschiedenis gaan geven. Dan valt het basisonderwijs gewoon weg, voor mij in ieder geval.
Dat zou zonde zijn. Niet alleen voor mij, maar ook voor de scholen.

Ook wil ik eigenlijk best Engels gaan studeren in Engeland zelf. Of Nederlands gaan geven in een ander land. Sinds enige tijd kijk ik vol belangstelling naar vacatures uit het buitenland. Nu is dat nog enkel interesse. Maar zal dan misschien om gaan draaien?

Ik buiten het basisonderwijs. Ik zie mezelf het al doen. Houdt iemand me tegen? Dat lijkt me niet.
Ik ben in ieder geval al zover dat als er voor de zomer niets komt, ik heel diep ga nadenken wat mijn opties zijn. Dus, nog een drie maanden…

Wat vind jij dat ik moet doen?

(weg)Kijken bij het Onderwijs (2)


(weg)Kijken bij het Onderwijs (2)

In mijn vorige blog besprak ik veelal mijn kant van de zaak. Als invaller tegen wil en dank, zoekende naar een vaste betrekking die nergens schijnt te ontstaan. Nu ook even de kant van de scholen, die ook hun zegje mogen doen.
Elke school in het noorden moet bezuinigen. Niet zo verrassend ook met het dalende aantal leerlingen. Desalniettemin is er wel een directeur of twee te vinden die serieus met mij in gesprek wil over mogelijkheden die ik zou kunnen krijgen binnen de vereniging. Het antwoord is vaak kort en krachtig: geen!
In een nadere verklaring zetten ze steeds in op de mensen die al in dienst zijn. Die kunnen ze niet zomaar ontslaan! En via schuiven van school naar school worden eventuele gaatjes opgevuld. Nieuw bloed, hoe goed dat voor sommige scholen ook zou zijn, is (bijna) nergens te vinden.
Veel scholen zitten met een overschot aan parttimers. Het is zelfs zo dat een school met dus gemiddeld acht werknemers maar twee vaste krachten heeft. Twee mensen die fulltime aan het werk zijn. Dan heb je een kleuterjuf en een juf voor groep 5/6 en dan vier mensen voor de andere twee klassen (3/4 en 7/8). Een directeur is slechts anderhalf dagdeel per week aanwezig en ook een administratrice is een ochtend aanwezig. En dan heb ik geen IB/RT-er of oa genoemd…

In drie jaren invallen zijn er meerdere ouders bij me geweest met de vraag of ik zou kunnen blijven. ‘Het is beter voor de school, een mannelijk lid van dit team.’ Natuurlijk beaam ik dat, maar daar kan ik niets aan doen. Ook al staat in de advertenties vrijwel altijd de zin ‘onze voorkeur gaat uit naar een man’, toch zijn die vacatures in het noorden gewoonweg ver te zoeken.
Maar niet alleen ouders komen met deze verzoeken. Ook enkele collega’s wilden me graag houden. Zelfs enkele directeuren geven aan dat ik de eerste ben die ze zullen vragen, mocht er een gaatje vallen. Hetgeen toch niet gaat gebeuren, want dan gaat de interne molen draaien en wordt voor een ander besloten dat het beter is om daarheen te gaan. Probleem opgelost voor de school, maar mijn probleem blijft.

Nogmaals: het onderwijs vind ik echt het einde! Elke dag heerlijk lesgeven en genieten van de leerlingen is iets wat ik het liefst dagelijks zou doen. Maar nu, zeker na drie jaar invallen, begint het bij me te knagen. Waarom heb ik nog geen vaste baan? Wetende dat er genoeg werk is voor een invaller (overal worden mensen ziek) blijf ik doorzetten.
Op elke school wordt de vraag gesteld of ik niet liever een vaste baan heb. Nogal wiedes, natuurlijk! Maar niet overal is deze te vinden. Sterker nog: het is dus bijna nergens te vinden.

Wanneer snappen de scholen, wanneer snapt Den Haag eens dat al die parttimers nu tegen hen werken? Natuurlijk, toen er een tekort was aan leerkrachten waren moeders welkom. Snel een verkort papiertje halen en voor de klas. Probleem opgelost.
Maar nu is er een overschot. En over drie tot zeven jaar weer een tekort… Geef mij een gelegenheid om bij jou extra ervaring op te doen en je hebt een vaste kracht voor de komende veertig jaar!

Win-win?!
(volgende keer meer over wat ik van plan ben te gaan doen)

(weg)Kijken bij het onderwijs


Vandaag de dag ben ik al bijna drie jaar leerkracht in het basisonderwijs. Drie jaren waarin ik talloze scholen van de binnenkant heb mogen bekijken, honderden collega’s heb leren kennen en meer dan duizend leerlingen in de klas heb gehad. Voor alle duidelijkheid, dit zijn geen verzonnen nummers, dit is de werkelijkheid!
Al drie jaar ben ik invaller. Dat doe ik tegen mijn zin, maar daarover later meer. In mijn prille loopbaan heb ik al meer dan vijftig scholen van binnen gezien (50 maal gemiddeld acht docenten is 400 collega’s) en daar heb ik veelal ook voor de klas gestaan.
Een groep acht was de groep waarmee alles begon in Veenendaal. Daarna kwamen Assen, Groningen, Haren, Hoogkerk, Leens, Hoogeveen, Drachten, Ureterp, Winschoten en volgende week ook Schildwolde. En dan heb ik nog maar een fractie gehad van de plaatsen van de scholen. In Groningen zitten al drie scholen waar ik heb lesgegeven, in Hoogeveen al zes.
Zoals ik vertelde begon het met een groep acht. Ik heb nu mijn werkterrein al verbreed naar ook groepen drie, weliswaar het liefst na de kerstvakantie, maar ook die groep komt met regelmaat langs. Een groep vier of vijf is leuk, maar mijn voorkeur blijft gaan naar de bovenbouw, een zesde-, zevende- of achtstegroep.

Als invaller, tegen mijn zin, ben ik ook al drie jaar lang op zoek naar vast werk. In het noorden, dat dan wel. Dat is mijn enige eis. Omdat dit niet zo snel te vinden is vanwege de krimp van de leerlingenaantallen, blijf ik invallen. Een dagje hier, een weekje daar of een paar maand op die school… het is het werk wat ik leuk vind, niet het constant veranderen.
Flexibiliteit is een eigenschap die ik mezelf heb moeten aanleren. Ik ben iemand die erg gestructureerd is, maar dat zijn niet alle collega’s. Op dit moment heb ik er genoeg aan om drie dingen van tevoren te weten: 1. Waar staat de school, 2. Welke groep heb ik, 3. Hoe laat begint de school (meestal ben ik er weliswaar rond tien voor acht, maar sommige scholen houden ervan om niet te vroeg op school te zijn) Flexibel genoeg, toch?

Tijdens mijn tijd op de pabo werd om de haverklap gezegd: ‘Als man voor de bovenbouw heb je vrijwel direct een vaste baan.’ Dat hadden ze helaas niet meer fout kunnen hebben.
Nu hoor ik wel steeds: ‘Als we konden zouden we je willen houden’, maar dat is voor mij slechts een pleister op de wond. Het slaat geen hout, het maakt niets uit. Natuurlijk is het vleiend, maar het helpt me niets.

Op dit moment oriënteer ik me weer op een studie. Ik wil wel weer studeren. En daarmee zal ik, helaas voor de onderwijswereld, mogelijk mijn rug keren naar die wereld. Een wereld die ikzelf geweldig vind, waar ik absoluut in zou willen blijven. Helaas gunt die wereld me dus geen plek. Liever drie parttimers voor één groep dan één fulltimer voor diezelfde groep. Zij hebben namelijk al een contract dat je niet zomaar kan ontbinden… (nonsens, het is balen voor hen, maar (directeuren!) je kan dus NU wel die mensen ontslaan. Ik ben beschikbaar!)

De hamvraag wordt, is en blijft: Past Martijn bij jullie in het team?
(volgende keer meer)